• Hannie van de Veen
  • Hannie van de Veen
  • Op deze wagen reed Errie het liefste

    Hannie van de Veen
  • Errie van Bemmel bij zijn 'lievelingswagen'.

    Hannie van de Veen

Errie van Bemmel: 'Hulp verlenen zit in mijn genen'

WOUDENBERG Na 30 jaar brandweerman geweest te zijn in Woudenberg heeft Errie van Bemmel na lang nadenken besloten te stoppen.

Het was een moeilijke beslissing voor hem, omdat hulpverlener zijn hem in het bloed zit. ,,Er is een tijd van komen en een tijd van gaan. Een brandweerman moet topfit zijn en wordt elk jaar gekeurd. Topfit zijn lukt op je 58e niet meer. Vroeger was stoppen op je 55e verplicht, Nu mag je zelf kiezen. De afgelopen tijd waren er heftige ervaringen. Ondanks de goede opvang vergeet je die nooit meer. Ook waren er verdrinkingen op het Henschotermeer, reanimaties en jonge mensen die omkwamen bij het spoor. Mezelf daarvoor afsluiten of 's nachts uitrukken wordt lastiger. Nu ik nog energie heb, wil ik graag nog andere dingen doen en dus stop ik als brandweerman. Mijn boot kost veel tijd en ik hoop in de toekomst nog havenmeester te worden, een soort gastheer, net zoals in het gemeentehuis."

Toen Errie brandweerman werd, werkte hij als loodgieter en tegelzetter en maakte vooral badkamers. Hij is zijn werkgever Jetten nog altijd dankbaar voor deze kans. Errie: ,,Bij de brandweer kon ik iets voor anderen doen, dat wilde ik graag. Ooit zat ik bij de luchtmachtbewaking, ik ben al 18 jaar EHBO-er en 14 jaar koster. Hulp verlenen zit in onze genen, want mijn zoon en dochter kwamen ook bij de brandweer en zijn nu militair. Mijn vrouw Ria wilde net als haar vader ook, maar dat kwam er niet van. Het is mooi om brandweerman te zijn bij Opkikkerdagen van Stichting Opkikker."

Inmiddels werken Errie en Ria bij de gemeente waar hij alle ruimte kreeg voor het brandweerwerk. Naast hun gezin met 4 kinderen en 10 oppaskinderen overdag, werken ze ook vaak 's avonds. Dankzij hun energie en hun hechte gezin lukt dat. ,,Als er een uitruk is moet je snel weg. Ria kan thuis alles goed opvangen. Zelfs bij een uitruk vlak na een vakantie lukte dat. Ik ben haar heel dankbaar voor alle steun en dat mijn gezin nooit mopperde als ik weg moest."

Iedere brandweerman heeft zijn eigen taak bij een uitruk. Errie was vaak gewondenverzorger of 'cotter'. Bij de Veiligheidsregio Utrecht (VRU), waar de brandweer tegenwoordig onder valt, werd Errie daarvoor opgeleid. ,,Een cotter is van het Collega Opvang Team. Vroeger gingen mensen gewoon door na heftige ervaringen, maar dat bleek tot problemen te leiden. Daarom zijn er nu 'cotters'. Ongevallen met slachtoffers zijn altijd moeilijk, ook bij dieren, of als je een eigenaar van een verwoest bedrijf ziet lopen. Vooral beknellingen zijn traumatisch. Andere cotters zijn Sjaak Weima en Jan Vermeulen. Ook bij de ambulance zijn ze er." Door de overgang van gemeente naar VRU wordt nu collectief materiaal ingekocht waardoor je bij elke inzet overal met dezelfde spullen werkt.

Bij de brandweer was Errie ook lid van de sollicitatiecommissie, vloog bij code rood met het brandverkenningsvliegtuig Charly, was hij jeugdopleider en was hij 12 jaar geleden mede betrokken bij het opstarten van de jeugdbrandweer.

,,Wat ik het meest zal missen is de saamhorigheid, het enthousiasme en het hechte teamverband. Iedereen staat altijd voor elkaar klaar. Je moet elkaar 100% vertrouwen als je een pand in moet. Ik heb nooit spijt gehad van mijn brandweerwerk en wil mijn collega's bedanken. Ik zal zeker nog wel in het pand, dat van de gemeente is, komen en ook een keer wat gaan drinken dinsdags of lid worden van de vereniging van oud-leden. Mijn officiële afscheid is op de jaarlijkse korpsavond. Dan wil ik de VRU en de postcommandant bedanken maar ook de burgemeester en het college voor de vrijheid die ik kreeg. We hebben nooit met onderbezetting gezeten."